Traject: Nijmegen CS – Oss West
Een paar minuten voor de trein vertrekt stapt er een jongetje in samen met zijn opa. Ze gaan een rij voor me zitten. Het jongetje is iets donker van huidskleur en bevindt zich in de bij elke ouder favoriete “waarom?”-periode in zijn leven.
“Opa, ik zie duifjes!”
“Waar?”
“Op de rails.”
De man kijkt uit het raam.
“Zijn dat opa-duifjes?” vraagt het jongetje belangstellend.
“Nee, dat zijn geen duifjes. Dat zijn Kouwen.”
“Hebben die het koud?”
Ik hoor de opa zachtjes lachen.
“Nee, die heten gewoon zo.”
We vertrekken.
Het jongetje vraagt druk naar alles wat hij ziet. “Wat betekent dat?”, “Wat is dat?”, “Wat staat daar?”. De man geeft steeds antwoord. Opperste rust. Wat een geduld, na een dag met zo’n kotertje.
De stem van de conducteur klinkt door de speakers. “Nijmegen Dukenburg, station Nijmegen Dukenburg.”
“Opa! De man in de lucht praat tegen mij!”
“Er is geen man in de lucht. Dit is net als op opa’s cd-tjes. De stem van de conducteur komt uit luidsprekers.”
We stoppen en er stappen mensen uit.
“Opa? Waarom stappen die mensen uit? We zijn er toch nog niet?”
“Deze mensen moeten hier uitstappen. Wij moeten er in Oss pas uit.”
“Gaan deze mensen hier blijven?”
“Ja. En wij gaan verder rijden naar Oss.”
“Maar… Blijven ze dan voor altijd hier? Net zoals oma?”
“Nee, niet voor altijd.”
We vertrekken weer en het vragenvuur wordt hervat. Na een tijdje staat hij op en loopt mijn kant op.
“Opa? Dat meisje heeft metaal in d’r hoofd!”
De man staat op, loopt om de banken heen naar mij en excuseert zich.
“Geeft niks hoor.” antwoord ik en glimlach naar het jochie wiens verbazing duidelijk in zijn gezicht af te lezen is.
Hij gaat naast me zitten. De man kijkt naar mij. “Sorry hoor. De leeftijd…”
Ik glimlach en wijs op de bank tegenover me. De man neemt plaats.
Precies op dat moment roept de conducteur: “Ravenstein, station Ravenstein.”
Met alle enthousiasme springt het jongetje op en roept: “We zijn in Nederland!!!”
De man en ik schieten in de lach. Hij snapt niet wat er grappig aan is.
“Echt waar! We zijn in Nederland!”
Het laatste stuk van onze reis bestaat uit gesprekken over het weer, mijn piercings (het blijft bijzonder voor mensen) en bovenal: heel veel vragen beantwoorden.